De provincie Limburg gebruikt cookies om jouw surfervaring op deze website gemakkelijker te maken. Meer info
Ga verder
platteland.limburg.be

Procedure

Een project kan slechts worden ingediend tijdens een georganiseerde projectoproep door de PG op de daarvoor voorziene sjablonen projectconcept (fase 1) en projectaanvraagformulier (fase 2). De procedure kan opgesplitst worden in twee fasen:

Fase 1: Projectconcept

Projectconcepten kunnen ingediend worden bij het secretariaat indien de Plaatselijke Groep een projectoproep heeft gelanceerd. De potentiële promotor meldt zich – telefonisch of per afspraak -aan bij het Leadersecretariaat indien hij een projectconcept wil indienen. Hierop werkt de potentiële promotor een beknopt inhoudelijk projectconcept (max. 3 A4) uit.
De coördinator toetst dit aanvraagconcept op ontvankelijkheid.
Is deze eerste ontvankelijkheidsevaluatie negatief dan wordt dit door de coördinator schriftelijk meegedeeld aan de potentiële promotor. Projectconcepten met een negatieve ontvankelijkheids-evaluatie worden door de coördinator ter kennisgeving voorgelegd aan de Plaatselijke Groep op de eerstvolgende PG-vergadering. De potentiële promotor kan zijn projectconcept bijsturen en bij de volgende oproep opnieuw indienen bij het Leadersecretariaat. Hierna wordt het opnieuw op ontvankelijkheid getoetst.
Is deze ontvankelijkheidsevaluatie positief, dan wordt het projectconcept door de coördinator voorgelegd aan de Plaatselijke Groep. Deze bespreekt de concepten en beslist of de promotor het projectconcept verder mag uitwerken in een definitieve projectaanvraag. Zij kan hierbij voorwaarden opleggen en bijkomende vragen stellen.

Voor de beoordeling van de projectconcepten kan de Plaatselijke Groep bijgestaan worden door de Technische Werkgroep.
Is de beslissing van de PG negatief, dan koppelt de PG vervolgens hierover terug aan de potentiële promotor. Deze beslissing van de PG stelt een einde aan de procedure voor het projectconcept.

Fase 2: Projectaanvraagformulier

Pas nadat de potentiële promotor de toestemming heeft gekregen van de PG om zijn projectconcept uit te werken in een definitieve projectaanvraag, kan hij zijn project indienen via het daarvoor voorziene projectaanvraagformulier. Een exemplaar van het projectaanvraagformulier kan op aanvraag bekomen worden bij het Leadersecretariaat of is terug te vinden op platteland.limburg.be. Een projectaanvraagformulier dat wordt ingediend door een potentiële promotor zonder dat de procedure zoals omschreven in fase 1 gevolgd werd, wordt door het secretariaat onontvankelijk verklaard en ter kennisgeving op de volgende PG gebracht. Enkel projectenaanvragen waarvan het projectconcept de in fase 1 beschreven procedure heeft doorlopen, zullen door de PG in behandeling worden genomen.

De coördinator toetst de projectaanvraagformulieren op ontvankelijkheid.
Is deze ontvankelijkheidsevaluatie negatief dan wordt dit door de coördinator schriftelijk meegedeeld aan de potentiële promotor. Projectaanvraagformulieren met een negatieve ontvankelijkheidsevaluatie worden door de coördinator ter kennisgeving voorgelegd aan de Plaatselijke Groep op de eerstvolgende PG-vergadering. De potentiële promotor kan zijn projectaanvraag bijsturen en bij de volgende oproep opnieuw indienen bij het Leadersecretariaat. Hierna wordt het opnieuw op ontvankelijkheid getoetst.

De ontvankelijke projectaanvraagformulieren worden voorgelegd aan de Technische Werkgroep. De Technische Werkgroep bespreekt de aanvraagformulieren en formuleert vervolgens haar advies. Ze kan een positief advies innemen, een negatief advies innemen, maar ook vragen stellen aan de promotor. De promotor dient deze vragen ten laatste 14 werkdagen voor de vergadering van de Plaatselijke Groep schriftelijk te beantwoorden.
Alvorens de ingediende projectaanvraagformulieren ter beoordeling worden voorgelegd aan de PG-leden, wordt het advies van de Technische Werkgroep ter kennisgeving aan de deputatie voorgelegd.
Het verslag van de TW wordt samengevat en wordt samen met de ontvankelijke projectaanvragen voorgelegd aan de Plaatselijke Groep.

De leden van de PG kunnen na het ontvangen van de vergaderdocumenten nog schriftelijk vragen stellen aan de promotor ten laatste 5 werkdagen voor PG-vergadering. Het Leadersecretariaat bundelt deze vragen voor de promotor. Deze promotor heeft maximaal 3 werkdagen de tijd om de vragen te beantwoorden. De antwoorden van de betrokken promotor worden tijdens de PG-vergadering door het Leadersecretariaat toegelicht.
De PG bespreekt het advies van de Technische Werkgroep. De PG kan van het advies van de Technische Werkgroep afwijken mits ze haar beslissing motiveert. Vervolgens stelt de PG een beoordelingsverslag t.a.v. het Leadercomité op.

Beslissing Leadercomité

Het Leadercomité bespreekt elke projectaanvraag op basis van het beoordelingsverslag van de PG. Het Leadercomité neemt vervolgens een besluit per project. Het Leadercomité is als besluitvormingsorgaan van de PG belast met de selectie van projecten, de toekenning van Leadersubsidies en het formuleren van de specifieke, projectgebonden aanbevelingen en/of voorwaarden die de initiatiefnemer daarbij in acht dient te nemen.

Begeleiding

Alle potentiële promotoren kunnen begeleiding krijgen bij het tot stand komen van hun projectconcepten en projectaanvraagformulieren .  De PG-coördinator zal praktische tips geven en zal helpen om de projectconcepten en projectaanvraagformulieren te verbeteren. De coördinator kan tevens helpen bij het betrekken van andere organisaties of sectoren in het projectvoorstel, het zoeken naar bijkomende financiële middelen of een betere procesaanpak. 

Uiteraard blijft de indiener zelf verantwoordelijk voor het ingediende voorstel en de eventuele uitvoering.